PRODUCTIE
In de jaren zeventig was er in de Haltestraat in
Zandvoort een winkeltje waar je je eigen kunstwerkje kon
maken. In de winkel stond een zestal cilinders
(gehalveerde oliedrums?) op een tafel met een diameter
van ongeveer zestig centimeter. In de cilinder zat
onderin een draaischijf met bevestigingspunten,
aangedreven door een hogetoeren electromotor
(wasmachinemotor?).
De eigenaar bevestigde een
stevig, wit vel papier aan de draaischijf en met
behulp van flesjes met gekleurde verf en een
smalle spuitmond kon je het ronddraaiende vel
bewerken.
Het resultaat zag er altijd prachtig uit !
Volgens mij was het motto ook dat iedereen kan
kunst maken, net zoiets als “iedereen kan koken”
in de Pixar-animatie “Ratatouille”. |
 |
Dit is mij altijd bijgebleven en werd weer
aangewakkerd tijdens mijn studie Bedrijfskunde. Tijdens
een lezing van Ralph Stacey over chaostheorie keerden de
beelden uit mijn jeugd terug. Orde uit chaos en andersom
zie je ook terug in de circulaire (kunst)werken onder
invloed van centrifugale krachten en viscositeit van de
gebruikte verf.
Ik nam mij voor om in een later stadium te gaan
experimenteren met draaicirkel en verf, maar dan op een
grotere schaal. Dat later werd vele jaren later.
 |
Op een fietsvakantie richting Schotland in
2002 bezocht ik de “Scottish National Gallery of
Modern Art” in Edinburgh. |
Daar zag ik een aantal fascinerende werken van o.a.
Damien Hirst, Julie Roberts, Jim Lambie en Julian Opie.
Met name een werk van Damien Hirst genaamd “Beautiful C
Painting” uit 1996 vond ik fantastisch en deed oude
ideëen weer herleven. Je ziet zelden circulaire
schilderwerken en Damien had ook nog eens gebruikgemaakt
van zijn spierkracht door de verf op het doek te
smijten. Ik moest nu echt zelf eens gaan
experimenteren...
Eind 2004 of begin 2005 ging ik naar een tentoonstelling
van Gary Lang in het Gemeentemuseum van Den Haag. Ook
hij maakte gave cirkelschilderijen, “Chance Circle
(Greene St. Series #4)” uit 1997, en “Circlying #2” uit
2003-2004. Waarom wordt er zo weinig gebruikgemaakt van
deze geometrische vorm in de schilderkunst, was mijn
gedachte weer.
| Ik had wat meer vrije tijd gekregen en toen
heb ik de stoute schoenen aangetrokken en ben
zelf gaan experimenteren. Ik maakte een
draaischijf met een een oude zaagmachinemotor in
een “krat”. Eerst maakte ik kleine werken (exp.
1 t/m 5). |
 |
Toen ging ik het groter aanpakken met een doek dat ik
kocht bij Gerard Smit in Haarlem. De acrylverf die ik
gebruikte kwam uit die goedkope pakketten van het
Kruidvat. Het doek werd prachtig en ik beschouw het nog
steeds als één van mijn beste werken (Indian Summer).
Toen de beginfase prettig verliep en ik er veel plezier
uit haalde heb ik besloten om het groter aan te pakken
en grote cirkeldoeken te gaan maken. Ik ging naar de
Gamma voor PVC-buizen, ringetjes en schroefjes. Naar
Gerard Smit voor Gesso en naar Jan Sikkes voor
Linnenkatoen. Van 3 stukken PVC van 2 meter maakte ik
met moffen en lijm een cirkel. Ik spande het
linnenkatoen met ringetjes en schroefjes op het PVC en
prepareerde het katoen met gesso (2-3 maal).
 |
Ik maakte zo 16 gigantische doeken. Ik ben
het meeste te spreken over “Oog”, maar er zit
een aantal prachtige werken bij. Mijn moeder zag
mij zo bezig in de werkplaats in de Koningstraat
en vroeg zich af of het niet verstandiger zou
zijn om wat kleiner te gaan werken. |
In de eerste plaats nemen die werken erg veel
plaats in bij opslag en in de tweede plaats, wie kan er
zo’n doek aan zijn muur ophangen!
Het leek mij zelf ook verstandiger om vierkante werken
te gaan maken die wat minder groot waren, hoewel ik het
lekkerst werk op grote vlakken. Hoe groter, hoe beter.
105x105 leek mij wel een mooie maat. Dit kwam ook zo uit
omdat ik de doeken ging maken van tengellatten. Ik
maakte driehoekjes voor stevigheid op de hoekpunten en
haalde tweede keus schilderslinnen bij Jan Sikkes. Ik
kocht goede kwaliteit acrylverf in Amsterdam en bij de
Hema (acryl en hoogglans). Vanaf dat moment ben ik
steeds wilder gaan experimenteren. Ik haal geregeld een
emmertje zand bij het strand vandaag (stuifzand) om het
door de verf te mengen voor meer structuur en weerstand
op het doek. Voor ideëen maak ik gebruik van mijn
intuïtie en ervaringen van alledag. Het resultaat is
soms chaotisch en ordentelijk tegelijk. Het worden er nu
alleen steeds meer en daarom is het zaak om ze aan de
man te gaan brengen. Ik zou mijn werk graag aan de muren
zien hangen van een woonhuis, een overheidsgebouw, een
ziekenhuis, een bedrijfspand, een verzorgingstehuis of
een museum. Hoe meer mensen er plezier aan beleven, hoe
beter.
NB. Als er iemand meer informatie heeft over die winkel
in de Haltestraat in de jaren Zeventig, dan verneem ik
dat graag.
|